- Reisprogramma
STUDIEREIS TANGER
APRIL 2027
VAN DE EERSTE MENS TOT DE TAAL VAN DE TOEKOMST
Van 16 t/m 26 april 2027 organiseer ik een nieuwe studiereis naar Tanger, Marokko. Na drie eerdere studiereizen krijgt deze editie een bijzonder karakter. Vijf studiedagen vormen samen één zoektocht naar misschien wel de meest menselijke van alle menselijke vermogens: taal.
De voertaal is deze keer Engels. Daardoor staat de studiereis in tegenstelling tot de eerdere keren niet alleen open voor tolken en vertalers Arabisch maar ook voor tolken en vertalers in andere talen en uiteraard ook voor taalkundigen, linguïsten, studenten, onderzoekers, docenten, taalprofessionals en iedereen met een bijzondere belangstelling voor taal, mens en cultuur.
HET CENTRALE THEMA LUIDT:
Mens worden door taal: van Marokko naar de toekomst van een soort.
Tijdens de studiedagen van maandag 19 t/m vrijdag 23 april 2027 volgen we als het ware een lange tijdlijn door de menselijke geschiedenis. We beginnen bij de vroegste mens en eindigen met de vraag hoe taal, identiteit en menselijke communicatie zich in de toekomst zouden kunnen ontwikkelen.
MAROKKO ALS VERTREKPUNT
Die zoektocht begint niet toevallig in Marokko.
De afgelopen jaren hebben archeologische en paleoantropologische ontdekkingen het land een steeds belangrijkere plaats gegeven in het onderzoek naar de oorsprong en ontwikkeling van Homo sapiens. De ongeveer 315.000 jaar oude menselijke resten van Jebel Irhoud, vroege sieraden en andere archeologische vondsten werpen nieuwe vragen op over menselijke migratie, culturele contacten, symbolisch gedrag en uiteindelijk ook over de voorwaarden waaronder taal kon ontstaan.
De Marokkaanse archeoloog prof. dr. Youssef Bokbot opent de studieweek met een volledige studiedag over recente archeologische en paleoantropologische ontdekkingen in Marokko en hun betekenis voor ons beeld van de prehistorische verbindingen tussen Afrika en het Middellandse Zeegebied.
HOE BEGON TAAL?
Vervolgens gaan we met linguïst prof. dr. Abdellah El Haloui gedurende twee studiedagen dieper in op een van de moeilijkste vragen binnen de taalwetenschap:
HOE KAN MENSELIJKE TAAL ZIJN ONTSTAAN?
Wat onderscheidt taal van andere vormen van communicatie? Welke cognitieve, biologische en sociale veranderingen waren daarvoor noodzakelijk? En wat kunnen processen die we bij kinderen waarnemen ons leren over het ontstaan en de ontwikkeling van menselijke taal?
Daarbij ontmoeten archeologie, evolutie, linguïstiek en taalverwerving elkaar.
VAN TAAL NAAR SCHRIFT
Op de vierde studiedag verplaatsen we onze aandacht van gesproken taal naar een andere revolutionaire menselijke uitvinding: het schrift.
PhD-onderzoeker en linguïst Ayoub Agouzal neemt ons mee door de geschiedenis en ontwikkeling van de schrifttradities van Noord-Afrika: van vroege alfabetische systemen en het Libyco-Amazigh-schrift tot de moderne vormen van Tifinagh en Neo-Tifinagh.
Schrift maakt taal zichtbaar en zorgt ervoor dat menselijke gedachten eeuwen en zelfs millennia kunnen overleven. Daarmee vormt deze dag een natuurlijke brug tussen de prehistorische symbolen waarmee de week begon en de complexe geschreven culturen van vandaag.
EN WAAR GAAT TAAL NAARTOE?
Na vier dagen waarin we vooral terugkijken, draaien we op de laatste studiedag de tijdlijn om.
Linguïst dr. Mohamed Bouaissane richt zich op de toekomst van taal en identiteit. Wat gebeurt er wanneer talen, culturen en identiteiten elkaar steeds intensiever ontmoeten? Welke invloed hebben globalisering, migratie, technologie en nieuwe communicatiemiddelen? En bewegen we uiteindelijk naar nieuwe vormen van gedeelde taal en misschien zelfs naar een bredere menselijke identiteit?
Zo eindigt de academische reis waar zij begon: bij de vraag wat taal betekent voor het mens-zijn.
WANNEER TAAL MUZIEK WORDT
Als bijzondere afsluiting volgt een avond rond muziek als taal.
Dr. Aziz Ifzarne onderzoekt de relaties tussen taal, muziek en wiskunde. Na een korte theoretische inleiding worden de ideeën ook hoorbaar gemaakt tijdens een live muzikaal gedeelte met zanger en musici, waarin onder meer oosterse en Maghrebijnse maqams centraal staan.
Daarmee eindigt de studieweek niet alleen met woorden, maar ook met klank.
PRAKTISCHE INFORMATIE
- Bestemming: Tanger, Marokko
- Data: 16 t/m 26 april 2027 (reisdata flexibel)
- Studiedagen: 19 t/m 23 april 2027
- Accommodatie: hotel Kenzi Solazur Tanger
- Voertaal: Engels
- PE-punten: 42
- Maximumaantal deelnemers: 50
Inbegrepen zijn onder meer de vliegtickets, het hotelverblijf met ontbijt, lunch en pauzevoorzieningen tijdens de studiedagen, vervoer van en naar de luchthaven op de vaste reisdagen 16 en 26 april en deelname aan het volledige studieprogramma.
De studiedagen vallen bovendien precies voorafgaand aan de officiële meivakantie die in heel Nederland op 24 april begint. Daardoor bestaat de mogelijkheid om ook partner en/of kinderen mee te nemen of na te laten reizen en de studieweek te combineren met een (verlengd) verblijf in Tanger/Marokko.
INFORMATIE, VOLLEDIG PROGRAMMA EN INSCHRIJVING
Het uitgebreide inhoudelijke programma en nadere informatie zijn hieronder te vinden.
Voor vragen kunt u ook contact opnemen via:
info@studiereizen.net
diaralhana@gmail.com
WhatsApp/telefoon: +31657759698
Van de eerste sporen van Homo sapiens tot de mogelijke taal van de toekomst. Van archeologie tot linguïstiek, van gesproken taal tot fonemisch alfabet en van woorden tot muziek.
In april 2027 wordt Tanger opnieuw een ontmoetingsplaats van talen, wetenschappen, culturen en continenten — en vooral van mensen die zich willen verdiepen in de vraag hoe taal ons tot mens heeft gemaakt.
Dag 1
Dag 2
Dag 3
Dag 4
Dag 5
09:00 – 18:00
Maandag 19 april 2027
Maandag 19 april 2027
Door prof. dr. Youssef Bokbot, archeoloog.
Gebezigde talen: Engels (anders bij Arabisch of Frans, simultane vertolking)
Ochtendsessie: 3,5 uur
Middagsessie: 3,5 uur
Thema en leerdoelen:
De prehistorische ontdekkingen in Marokko en het verhaal van de mens
Een van de hoogtepunten van onze studiereis wordt een volledige dag met de Marokkaanse archeoloog prof. dr. Youssef Bokbot, die ons zal meenemen langs enkele van de belangrijkste recente archeologische en paleoantropologische ontdekkingen in Marokko.
Zijn college, getiteld “Recent Archaeological and Paleoanthropological Discoveries in Morocco and Their Scientific Implications for Re-examining Cultural Connections During Prehistory in the Mediterranean and Africa”, plaatst Marokko in het hart van een veel bredere wetenschappelijke discussie over de oorsprong van de mens, menselijke mobiliteit en culturele contacten.
Marokko heeft vondsten opgeleverd die een grote invloed hebben gehad op de manier waarop wetenschappers denken over de diepe geschiedenis van Homo sapiens en over de verbindingen tussen Noord-Afrika, het Middellandse Zeegebied en het Afrikaanse continent. In plaats van deze regio’s als geïsoleerde gebieden te beschouwen, nodigt het archeologische bewijs ons steeds meer uit om beweging, uitwisseling en interactie over zeer lange tijdschalen te bestuderen.
Prof. Bokbot zal ons laten zien hoe archeologen en paleoantropologen materiële sporen uit een ver verleden lezen: menselijke resten, werktuigen, begrafenispraktijken en andere vondsten die het mogelijk maken aspecten te reconstrueren van samenlevingen die geen geschreven bronnen hebben nagelaten. Deze ontdekkingen roepen fundamentele vragen op. Hoe oud zijn de culturele verbindingen tussen Noord-Afrika en omliggende gebieden? Hoe verplaatsten menselijke groepen zich, hoe ontmoetten zij elkaar en hoe beïnvloedden zij elkaar? En welke bijdrage levert Marokko aan ons begrip van het ontstaan van de moderne mens?
Dit college vormt een overtuigende opening van het centrale thema van onze studieweek: de relatie tussen mens en taal. Voordat we ons afvragen hoe taal zich heeft ontwikkeld, ontmoeten we eerst de mensen wier levens, migraties en sociale werelden de omstandigheden schiepen waarin taal kon ontstaan. De bijdrage van prof. Bokbot verschaft ons daarmee de archeologische en antropologische basis waarop de rest van het programma voortbouwt.
Leesopdracht ter voorbereiding vooraf:
+/- 20-25 pagina’s
- 09:00 – 10:45 Theoretische les
- 10:45 – 11:15 Koffie- en theepauze
- 11:15 – 13:00 Workshop
- 13:00 – 14:00 Lunch
- 14:00 – 15:45 Theoretische les
- 15:45 – 16:15 Koffie- en theepauze
- 16:15 – 18:00 Workshop
Einde studiedag 1.
09:00 – 18:00
Dinsdag 20 april 2027
Dinsdag 20 april 2027
Prof. Dr. Abdellah El Haloui, linguïst.
Gebezigde talen: Engels
Ochtendsessie: 3,5 uur
Middagsessie: 3,5 uur
Thema en leerdoelen:
Van Jebel Irhoud naar het eerste menselijke woord
Tijdens dag 2 en dag 3 van onze studiereis naar Tanger, van 16 tot 26 oktober 2026, neemt prof. dr. Abdellah El Haloui ons gedurende twee volledige collegedagen mee naar misschien wel een van de grootste vragen die we over onszelf kunnen stellen:
Hoe is menselijke taal begonnen?
Onder de titel
“The Beginnings of Language in Morocco: From Jebel Irhoud to the Minimal Word”
vertrekt El Haloui vanuit de ongeveer 300.000 jaar oude menselijke wereld van Jebel Irhoud in Marokko.
Zijn uitgangspunt is verrassend. Archeologen kunnen werktuigen, vuurplaatsen, kunst en menselijke resten terugvinden, maar taal laat geen fossielen achter. Toch kunnen we proberen haar oorsprong te benaderen. Want hoe konden onze verre voorouders ingewikkelde, uit meerdere stappen bestaande technieken van generatie op generatie overdragen zonder taal? El Haloui stelt dat juist de complexe werktuigen van Jebel Irhoud aanwijzingen bieden dat taal veel ouder kan zijn dan de vaak genoemde symbolische “revolutie” van ongeveer 50.000 jaar geleden.
Vervolgens gaat hij nog een stap verder:
Wat moet er minimaal aanwezig zijn voordat een geluid een woord kan worden — en woorden samen een zin?
Daarbij brengt hij inzichten van onder anderen Chomsky en Hockett samen met de structuur en geschiedenis van het Amazigh. Hij onderzoekt onder meer de hypothese dat de oudste menselijke woorden uiterst eenvoudig moeten zijn geweest: minimale lettergrepen van het type CV of VC — medeklinker + klinker of klinker + medeklinker.
Bijzonder fascinerend wordt het wanneer El Haloui deze theorie toepast op het Amazigh. Hij onderscheidt daarin een Afro-Aziatische woordenschatlaag en een oudere, geïsoleerde laag met zeer korte woorden en concrete betekenissen. Zou daarin iets bewaard kunnen zijn gebleven van een uiterst oude menselijke woordenschat?
Aan de hand van onder meer het werkwoord inna – “zeggen” probeert hij zijn hypothese concreet en toetsbaar te maken.
Twee dagen dus over taal vóór de geschreven geschiedenis — over menselijke cognitie, evolutie, Amazigh en de mogelijkheid dat Noord-Afrika niet alleen een sleutelgebied is voor het ontstaan van Homo sapiens, maar misschien ook voor het begrijpen van het ontstaan van menselijke taal.
Leesopdracht ter voorbereiding vooraf:
+/- 20-25 pagina’s
- 09:00 – 10:45 Theoretische les
- 10:45 – 11:15 Koffie- en theepauze
- 11:15 – 13:00 Workshop
- 13:00 – 14:00 Lunch
- 14:00 – 15:45 Theoretische les
- 15:45 – 16:15 Koffie- en theepauze
- 16:15 – 18:00 Workshop
Einde studiedag 2.
09:00 – 18:00
Woensdag 21 april 2027
Woensdag 21 april 2027
Prof. Dr. Abdellah El Haloui, linguïst.
Gebezigde talen: Engels
Ochtendsessie: 3,5 uur
Middagsessie: 3,5 uur
Thema en leerdoelen:
Van Jebel Irhoud naar het eerste menselijke woord
Tijdens dag 2 en dag 3 van onze studiereis naar Tanger, van 16 tot 26 oktober 2026, neemt prof. dr. Abdellah El Haloui ons gedurende twee volledige collegedagen mee naar misschien wel een van de grootste vragen die we over onszelf kunnen stellen:
Hoe is menselijke taal begonnen?
Onder de titel
“The Beginnings of Language in Morocco: From Jebel Irhoud to the Minimal Word”
vertrekt El Haloui vanuit de ongeveer 300.000 jaar oude menselijke wereld van Jebel Irhoud in Marokko.
Zijn uitgangspunt is verrassend. Archeologen kunnen werktuigen, vuurplaatsen, kunst en menselijke resten terugvinden, maar taal laat geen fossielen achter. Toch kunnen we proberen haar oorsprong te benaderen. Want hoe konden onze verre voorouders ingewikkelde, uit meerdere stappen bestaande technieken van generatie op generatie overdragen zonder taal? El Haloui stelt dat juist de complexe werktuigen van Jebel Irhoud aanwijzingen bieden dat taal veel ouder kan zijn dan de vaak genoemde symbolische “revolutie” van ongeveer 50.000 jaar geleden.
Vervolgens gaat hij nog een stap verder:
Wat moet er minimaal aanwezig zijn voordat een geluid een woord kan worden — en woorden samen een zin?
Daarbij brengt hij inzichten van onder anderen Chomsky en Hockett samen met de structuur en geschiedenis van het Amazigh. Hij onderzoekt onder meer de hypothese dat de oudste menselijke woorden uiterst eenvoudig moeten zijn geweest: minimale lettergrepen van het type CV of VC — medeklinker + klinker of klinker + medeklinker.
Bijzonder fascinerend wordt het wanneer El Haloui deze theorie toepast op het Amazigh. Hij onderscheidt daarin een Afro-Aziatische woordenschatlaag en een oudere, geïsoleerde laag met zeer korte woorden en concrete betekenissen. Zou daarin iets bewaard kunnen zijn gebleven van een uiterst oude menselijke woordenschat?
Aan de hand van onder meer het werkwoord inna – “zeggen” probeert hij zijn hypothese concreet en toetsbaar te maken.
Twee dagen dus over taal vóór de geschreven geschiedenis — over menselijke cognitie, evolutie, Amazigh en de mogelijkheid dat Noord-Afrika niet alleen een sleutelgebied is voor het ontstaan van Homo sapiens, maar misschien ook voor het begrijpen van het ontstaan van menselijke taal.
Leesopdracht ter voorbereiding vooraf:
+/- 20-25 pagina’s
- 09:00 – 10:45 Theoretische les
- 10:45 – 11:15 Koffie- en theepauze
- 11:15 – 13:00 Workshop
- 13:00 – 14:00 Lunch
- 14:00 – 15:45 Theoretische les
- 15:45 – 16:15 Koffie- en theepauze
- 16:15 – 18:00 Workshop
Einde studiedag 3.
09:00 – 18:00
Donderdag 22 april 2027
Donderdag 22 april 2027
PhD onderzoeker Ayoub Agouzal, linguïst.
Gebezigde talen: Engels
Ochtendsessie: 3,5 uur
Middagsessie: 3,5 uur
Thema en leerdoelen:
De geschiedenis en ontwikkeling van het schriftsysteem in Noord-Afrika
Van het proto-alfabet tot het Neo-Tifinagh
SAMENVATTING
Het Libyco-Amazigh-schrift vormt een van de oudste inheemse schrifttradities van Noord-Afrika. Het is verspreid over een uitgestrekt geografisch gebied dat zich uitstrekt van de Maghreb en de Sahara tot aan de Canarische Eilanden, en is in zijn moderne vorm bewaard gebleven onder Amazighsprekende gemeenschappen. In de loop van de tijd heeft het schrift aanzienlijke veranderingen ondergaan wat betreft vorm, gebruik en geografische verspreiding.
Ondanks zijn lange geschiedenis blijven vragen over de oorsprong, structuur, chronologie en ontwikkeling ervan centraal staan in de studie van het oude Amazigh-schrift.
Deze presentatie biedt een diachroon overzicht van de Libyco-Amazigh-schrifttraditie en richt zich daarbij op drie hoofdaspecten: de kenmerken ervan, de mogelijke oorsprong ervan en de historische ontwikkeling ervan.
In het eerste deel wordt het schrift geïntroduceerd door de geografische verspreiding en de voornaamste kenmerken ervan te onderzoeken, in het bijzonder de geometrische structuur, de consonantische organisatie, de fonemische functie en het belang van de oriëntatie, rotatie en spiegeling van tekens.
Het tweede deel behandelt de vraag naar de oorsprong van het schriftsysteem door de belangrijkste hypothesen uit de vakliteratuur te presenteren, waaronder Semitische invloed, met name de Fenicische hypothese, en de opvatting dat sprake is van een inheems of lokaal ontwikkeld systeem. Bijzondere aandacht wordt besteed aan het bewijsmateriaal en de argumenten die ter ondersteuning van deze verschillende zienswijzen worden aangevoerd.
Het laatste en centrale deel van de presentatie volgt de historische ontwikkeling van het schrift aan de hand van de voorgestelde stadia: Proto-Amazigh/Proto-alfabet, Archaïsch Schrift, Klassiek Schrift, Overgangsschrift, Tifinagh en Neo-Tifinagh.
Elk stadium wordt onderzocht vanuit het oogpunt van de chronologie, de geografische verspreiding, de grafische kenmerken en representatieve inscripties. Daarbij wordt in het bijzonder voortgebouwd op Werner Pichlers Origin and Development of the Libyco-Berber Script (2007). De ontwikkeling van het schrift wordt beschouwd als een proces waarin zowel continuïteit als vernieuwing een rol spelen, en niet als een strikt lineaire opeenvolging van verschillende vormen.
Uiteindelijk beoogt de presentatie een beknopt historisch kader te bieden voor het begrijpen van de Libyco-Amazigh-schrifttraditie en het belang te benadrukken van epigrafisch bewijsmateriaal bij de reconstructie van de geschiedenis en ontwikkeling van het Amazigh-schrift in Noord-Afrika.
Trefwoorden: Libyco-Amazigh-schrift; Amazigh-schrift; Tifinagh; Neo-Tifinagh; epigrafie; historische taalkunde; Noord-Afrika; schriftsystemen; diachronie.
⸻
OPZET VAN HET COLLEGE
De geschiedenis van het schriftsysteem in Noord-Afrika
I. Inleiding
Definitie van het Libyco-Amazigh-schrift
Geografische ligging en verspreiding over Tamazgha
Voornaamste kenmerken van het schrift
* Geometrische structuur
* Consonantisch schriftsysteem
* Fonemische representatie
* Gebruik van scriptura continua
* Variatie in schrijfrichting en oriëntatie van tekens
II. De oorsprong van het schriftsysteem
1. De vraag naar de oorsprong
* Semitische oorsprong
* Zuid-Semitische hypothese
* Noord-Semitische / Fenicische hypothese
* Inheemse of lokale uitvinding
* Mogelijke invloed van reeds bestaande geometrische tekens en symbolen
* De standpunten van wetenschappers zoals Chaker en Hachi
1. Bewijsmateriaal en argumenten
* Vergelijking van Libyco-Amazigh-tekens met Semitische alfabetten
* Overeenkomsten in het consonantische principe
* Geometrische kenmerken van het schrift
* Archeologisch en epigrafisch bewijsmateriaal
* Geografische verspreiding van vroege inscripties
* Taalkundig bewijsmateriaal met betrekking tot Amazigh-woordenschat die verband houdt met schrijven
III. De ontwikkeling van het schrift: van de archaïsche fase tot het Neo-Tifinagh
De evolutie van het Libyco-Amazigh-schrift
1. Proto-Amazigh / Proto-alfabet
— gereconstrueerde vroegste fase en vorming van het systeem
1. Het Archaïsche Schrift
— vroege inscripties, rotsinscripties en Marokkaanse voorbeelden zoals Waremdaz
1. Het Klassieke Schrift
— monumentale en funeraire inscripties; voorbeeld: Dougga
1. Het Overgangsschrift
— tussenfase, regionale variatie en het voorbeeld van Foum Chenna
1. Het Tifinagh-schrift
— latere ontwikkeling die in het bijzonder in verband wordt gebracht met Toeareggemeenschappen
1. Neo-Tifinagh
— moderne heropleving en standaardisering
Bij elk stadium worden de volgende aspecten behandeld:
* Datering / chronologische periode
* Geografische verspreiding
* Belangrijkste grafische kenmerken
* Archeologische of culturele context
* Representatieve inscripties of voorbeelden
————
Leesopdracht ter voorbereiding vooraf:
+/- 20-25 pagina’s.
- 09:00 – 10:45 Theoretische les
- 10:45 – 11:15 Koffiepauze
- 11:15 – 13:00 Workshop
- 13:00 – 14:00 Lunch
- 14:00 – 15:45 Theoretische les
- 15:45 – 16:15 Theepauze
- 16:15 – 18:00 Workshop
Einde studiedag 4.
09:00 – 18:00
Vrijdag 23 april 2027, dagsessie
Vrijdag 23 april 2027, dagsessie
Dr. Mohamed Bouaissane, linguïst.
Gebezigde talen: Engels.
Ochtendsessie: 3,5 uur
Middagsessie: 3,5 uur
Thema en leerdoelen:
Taal als schepper van een gedeelde menselijke identiteit
Dr. Mohamed Bouaissane, verbonden aan de afdeling Engelse studies van de Faculteit der Letteren en Geesteswetenschappen van de Cadi Ayyad Universiteit in Marrakech, behandelt een van de meest actuele en fundamentele vragen rond taal: kan taal ons niet alleen van elkaar onderscheiden, maar ons juist ook dichter bij elkaar brengen?
We zeggen vaak dat sprekers van verschillende talen anders kunnen denken en de wereld vanuit verschillende culturele kaders kunnen waarnemen. Het onderzoek van dr. Bouaissane benadert dit bewust vanuit een andere invalshoek. Hij onderzoekt wat er gebeurt wanneer mensen met verschillende taalkundige en culturele achtergronden een authentieke en verrijkende dialoog met elkaar aangaan. Zijn centrale gedachte is dat zulke ontmoetingen kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van een bredere, gedeelde menselijke identiteit.
Vanuit dit perspectief is taal veel meer dan een middel om informatie uit te wisselen. In contact met anderen leren we niet alleen hen beter kennen; we veranderen ook zelf. Interculturele dialoog kan aanpassingsvermogen, flexibiliteit, geduld, respect voor anderen en een groter vermogen om met onzekerheid en culturele verschillen om te gaan bevorderen. Het doel van dialoog is niet noodzakelijk om mensen het met elkaar eens te laten worden, maar om hun begrip van elkaar te verdiepen en daarmee ook hun eigen kijk op de wereld te verruimen.
Op basis van empirische observaties uit internationale uitwisselingsprogramma’s onderzoekt dr. Bouaissane hoe duurzaam contact met andere culturen mensen kan helpen zich te bewegen van een overwegend etnocentrisch perspectief naar een sterker gevoel van wereldburgerschap en verbondenheid. Zulke ontmoetingen kunnen de kennis van zichzelf en de ander vergroten, cognitieve flexibiliteit en opmerkzaamheid versterken en de tolerantie voor ambiguïteit vergroten.
Bijzonder boeiend is zijn benadering van de relatie tussen taal en identiteit. Identiteit is in deze visie niet eenvoudigweg iets wat we erven en later door middel van taal uitdrukken. Door talige interactie geven we ook actief vorm aan wie we zijn en hervormen we onszelf. Taal is daarom niet alleen performance — de uitdrukking van iets wat al aanwezig is — maar ook performativity: een ruimte waarin identiteiten en vormen van verbondenheid voortdurend worden gecreëerd.
Zijn college vormt een bijzonder passende afsluiting van onze reis door de geschiedenis en ontwikkeling van menselijke taal. Nadat we de oorsprong van de mens, het ontstaan en de ontwikkeling van taal en de geschiedenis van het schrift hebben verkend, richt dr. Bouaissane onze blik op de toekomst: kan taal in een wereld van steeds intensievere culturele contacten bijdragen aan een sterker gedeelde menselijke identiteit?
Voor tolken en vertalers is deze vraag bij uitstek relevant. Zij werken dagelijks precies op het punt waar talen, wereldbeelden en identiteiten elkaar ontmoeten. Het college van dr. Bouaissane nodigt ons daarom uit om taal niet alleen te zien als iets wat mensen van elkaar onderscheidt, maar ook als een van de krachtigste middelen waarmee zij elkaar kunnen vinden.
Leesopdracht ter voorbereiding vooraf:
+/- 20-25 pagina’s.
- 09:00 – 10:45 Theoretische les
- 10:45 – 11:15 Koffie- en theepauze
- 11:15 – 13:00 Workshop
- 13:00 – 14:00 Lunch
- 14:00 – 15:45 Theoretische les
- 15:45 – 16:15 Koffie- en theepauze
- 16:15 – 18:00 Workshop
20:00 – 22:30
Vrijdag 23 oktober 2026, avondsessie
Vrijdag 23 oktober 2026, avondsessie
Dr. Aziz Ifzarne, wiskundige, componist, schrijver.
Gebezigde taal: Engels.
Duur: 2 uur (20:00 – 22:00)
Verkorte inhoud:
Muziek, taal en wiskunde: patronen achter menselijke expressie
Dr. Aziz Ifzarne, doctor in de wiskunde, kritisch denker, componist en schrijver, verzorgt een avondprogramma rond een fascinerend raakvlak tussen drie domeinen die vaak afzonderlijk worden beschouwd: muziek, taal en wiskunde.
Taal en muziek ontvouwen zich beide in de tijd. Beide berusten op ritme, herhaling, variatie, verwachting en patroon. De wiskunde biedt ons op haar beurt manieren om verhoudingen, structuren en terugkerende relaties te beschrijven. Door deze gebieden samen te brengen onderzoekt dr. Ifzarne of het menselijke vermogen om klank te ordenen tot betekenisvolle patronen diepere principes blootlegt die door spraak en muziek worden gedeeld.
Het programma combineert een theoretisch gedeelte met een praktische demonstratie. Met medewerking van een zanger en muzikanten kunnen abstracte ideeën over ritme, melodie, structuur en taalpatronen rechtstreeks worden gehoord en ervaren, in plaats van uitsluitend op conceptueel niveau te worden besproken.
Dat maakt deze bijeenkomst bijzonder waardevol binnen een programma dat in het teken staat van mens en taal. Communicatie beperkt zich niet tot lexicale betekenis. Prosodie, timing, toonhoogte, herhaling en muzikaliteit kunnen allemaal bepalen hoe een uiting wordt waargenomen en begrepen. Vooral voor tolken is gevoeligheid voor deze dimensies onderdeel van het luisteren naar taal als levende klank, en niet slechts als een opeenvolging van woordenboekbetekenissen.
De avond van dr. Ifzarne verbreedt zo onze verkenning van taal door ons te laten luisteren naar de patronen die spraak verbinden met een andere universele vorm van menselijke expressie: muziek.
- 20:00 – 21:00 Theoretische les
- 21:00 – 22:00 muziekuitvoering
- 22:00 – 22:30 Afsluiting studieweek en uitreiking certificaten.
Einde studiedag 5.
- Komende studiedagen en studiereizen
Lopende evenementen
Op deze pagina vindt u een overzicht van de studie-evenementen waarvoor de inschrijving momenteel geopend is of binnenkort wordt geopend.
Bij ieder evenement vindt u informatie over:

DE BESTEMMING EN DE DATA
Een mooie bestemming met passende data voor een inspirerende leerervaring.

HET INHOUDELIJKE THEMA
Een actueel thema biedt kennis en nieuwe inzichten voor deelnemers.

HET PROGRAMMA EN DE DOCENTEN
Een programma met deskundige docenten biedt kennis, inspiratie en praktijk.

DE DOELGROEP
Voor professionals die kennis willen verdiepen en nieuwe ervaringen delen.

HET AANTAL STUDIE-UREN
Duidelijke informatie over studie-uren geeft inzicht in de volledige studiebelasting.

EVENTUELE PE-PUNTEN
Informatie over PE-punten en voorwaarden wordt duidelijk aan deelnemers verstrekt.

DE REIS, ACCOMMODATIE EN VERZORGING
Duidelijke informatie over reis, accommodatie en verzorging zorgt voor comfort.

DE DEELNAMEKOSTEN
Transparante deelnamekosten geven deelnemers vooraf duidelijkheid over de totale investering.

DE INSCHRIJVINGSVOORWAARDEN
De inschrijvingsvoorwaarden maken aanmelden eenvoudig en duidelijk voor alle deelnemers.
Selecteer een evenement om de volledige aankondiging en het programma te bekijken.
